suikerziekte

Tips om met suikerziekte om te gaan

Leven met suikerziekte betekent dat je dagelijks net wat bewuster bezig moet zijn met je gezondheid. Wat eet je? Hoeveel beweeg je? Wanneer controleer jij je bloedsuiker en wat doe je wanneer deze ineens te hoog of juist te laag is? Zeker wanneer je pas te horen hebt gekregen dat je suikerziekte hebt, kan er behoorlijk wat op je afkomen. Gelukkig hoef je niet alles in één keer perfect te doen. Met de juiste begeleiding en een paar praktische gewoontes kan je diabetes vaak goed inpassen in je dagelijks leven. Op deze pagina lees je een paar handige tips terug.

Wat is suikerziekte?

Suikerziekte is de bekende naam voor diabetes mellitus. Bij diabetes kan het lichaam de hoeveelheid glucose in het bloed niet meer goed regelen. Insuline speelt daarbij een belangrijke rol. Dit hormoon zorgt ervoor dat glucose vanuit het bloed door de lichaamscellen kan worden opgenomen. Er bestaan verschillende vormen van diabetes. Bij diabetes type 1 maakt het lichaam zelf bijna geen of geen insuline meer aan. Mensen met type 1 moeten daarom insuline gebruiken. Bij diabetes type 2 reageert het lichaam minder goed op insuline en kan na verloop van tijd ook de productie van insuline afnemen. Daarnaast bestaan er nog andere vormen, zoals zwangerschapsdiabetes. Welke behandeling nodig is, verschilt sterk per persoon. De adviezen van je huisarts, diabetesverpleegkundige of behandelend specialist zijn altijd leidend.

Let bij suikerziekte goed op je bloedsuiker

Een belangrijk onderdeel van omgaan met suikerziekte is het onder controle houden van je bloedsuiker. Afhankelijk van het type diabetes en je behandeling kan het nodig zijn om regelmatig je glucosewaarden te meten. Dat kan bijvoorbeeld met een bloedglucosemeter of, wanneer je daarvoor in aanmerking komt, met een glucosesensor. Door je waarden bij te houden, leer je steeds beter begrijpen hoe je lichaam reageert. Een bepaalde maaltijd, intensief sporten, stress, ziekte of een slechte nachtrust kan bijvoorbeeld invloed hebben op je glucosewaarden. Het doel is niet om zelf eindeloos te gaan experimenteren met medicatie of insuline. Bespreek opvallende of terugkerende schommelingen met je behandelaar. Samen kan je bekijken of aanpassingen in voeding, beweging, medicatie of insuline nodig zijn.

Eten hoeft niet ineens ongezellig te worden

Bij suikerziekte denken veel mensen meteen aan een streng dieet waarin niets lekkers meer mag. Zo zwart-wit hoeft het gelukkig niet te zijn. Het gaat vooral om het vinden van een voedingspatroon dat helpt om je glucosewaarden zo stabiel mogelijk te houden en dat je tegelijkertijd op lange termijn kunt volhouden. Koolhydraten hebben veel invloed op de bloedsuiker. Ze zitten niet alleen in snoep, koek en frisdrank, maar bijvoorbeeld ook in brood, rijst, pasta, aardappelen, fruit en melkproducten. Dat betekent niet dat je al deze voedingsmiddelen moet vermijden. Het soort koolhydraten, de hoeveelheid en de combinatie met andere voedingsstoffen kunnen allemaal een rol spelen. Een diëtist die ervaring heeft met diabetes kan helpen om een voedingspatroon te vinden dat past bij jouw behandeling, voorkeuren en dagelijks leven.

Bewegen helpt bij suikerziekte

Regelmatig bewegen is voor vrijwel iedereen belangrijk, maar bij suikerziekte kan het extra voordelen hebben. Lichaamsbeweging kan ervoor zorgen dat het lichaam gevoeliger wordt voor insuline en kan bijdragen aan betere glucosewaarden. Daarnaast is bewegen goed voor onder andere hart en bloedvaten, spieren en conditie. Je hoeft daarvoor niet elke dag fanatiek in de sportschool te staan. Wandelen, fietsen, zwemmen of tuinieren telt ook mee. Kies vooral iets wat je leuk vindt, want de kans is dan veel groter dat je het blijft doen. Gebruik je insuline of bepaalde glucoseverlagende medicijnen? Houd er dan rekening mee dat lichaamsbeweging soms een lage bloedsuiker kan veroorzaken. Bespreek met je behandelaar hoe je hier tijdens en na het sporten rekening mee kan houden.

Herken een te lage of hoge bloedsuiker

Wie suikerziekte heeft, doet er goed aan om de signalen van een hypo en hyper te leren herkennen. Bij een hypo is de bloedsuiker te laag. Je kan bijvoorbeeld gaan trillen, zweten, duizelig worden, honger krijgen of moeite hebben met concentreren. Een ernstige hypo kan gevaarlijk zijn en vereist snel handelen. Bij een hyper is er juist te veel glucose in het bloed. Mogelijke klachten zijn veel dorst, vaak moeten plassen, vermoeidheid en een droge mond. Langdurig of ernstig verhoogde glucosewaarden kunnen schadelijk zijn. Vraag je behandelaar daarom wat je moet doen bij afwijkende waarden. Vooral wanneer je insuline gebruikt, is het verstandig om duidelijke afspraken te hebben over hoe je moet handelen.

Vergeet je controles niet

Goed omgaan met suikerziekte draait niet alleen om de glucosewaarde van vandaag. Diabetes kan op langere termijn gevolgen hebben voor je ogen, nieren, zenuwen, voeten, hart en bloedvaten. Daarom zijn periodieke controles belangrijk, ook wanneer jij je verder prima voelt. Tijdens controles kan bijvoorbeeld worden gekeken naar je gemiddelde glucosewaarde, bloeddruk en cholesterol. Ook kunnen je voeten, ogen en nierfunctie gecontroleerd worden. Hoe eerder veranderingen worden ontdekt, hoe eerder er iets mee kan worden gedaan. Plan je controles daarom niet alleen wanneer je klachten krijgt. Juist preventieve controles zijn een belangrijk onderdeel van goede diabeteszorg.

Wat vergoedt je zorgverzekering bij suikerziekte?

Heb je in Nederland een zorgverzekering? Dan wordt een belangrijk deel van noodzakelijke diabeteszorg vanuit de basisverzekering vergoed. Denk bijvoorbeeld aan huisartsenzorg, medisch-specialistische zorg en bepaalde medicijnen. Ook hulpmiddelen voor het meten en behandelen van diabetes kunnen onder voorwaarden worden vergoed. Welke hulpmiddelen precies worden vergoed, hangt af van je medische situatie en de geldende voorwaarden. Niet iedereen komt bijvoorbeeld voor ieder type glucosesensor in aanmerking. Ook voor dieetadvies en voetzorg bestaan specifieke regels en voorwaarden. Daarnaast kan het eigen risico een rol spelen. Huisartsenzorg valt normaal gesproken niet onder het verplichte eigen risico, terwijl andere zorg uit de basisverzekering daar wel onder kan vallen. Controleer daarom altijd de actuele polisvoorwaarden van je eigen zorgverzekeraar.

Vraag naar begeleiding die bij jou past

Je hoeft suikerziekte niet helemaal zelf te managen. Afhankelijk van je situatie kun je te maken krijgen met verschillende zorgverleners, zoals een huisarts, praktijkondersteuner, diabetesverpleegkundige, internist, diëtist of podotherapeut. Maak daar vooral gebruik van. Wanneer je bijvoorbeeld moeite hebt met je voedingspatroon, steeds last hebt van schommelende glucosewaarden of onzeker bent over sporten met diabetes, is het beter om advies te vragen dan zelf te blijven puzzelen. Ook de mentale kant verdient aandacht. Elke dag rekening houden met voeding, medicatie, controles en glucosewaarden kan soms vermoeiend zijn. Bespreek het daarom wanneer je merkt dat de behandeling je stress oplevert.

Kasper de Wijs is (mede)eigenaar van meerdere verzekering websites. Al meer dan 10 jaar is hij werkzaam in de financiële branche, waaronder zorgverzekeringen. Sinds 2012 schrijft hij over zorgverzekering, zorg in Nederland en gezondheid.

Vergelijk & Bespaar tot € 650,- per jaar